Bijzondere verrichtingen

Velen denken dat de bijzondere verrichtingen het belangrijkst zijn op je praktijkexamen.
Was dat maar zo dan zou het praktijkexamen een stuk eenvoudiger zijn.
Het gewone auto rijden het goed deelnemen aan het verkeer en inzicht tonen is veel belangrijker.

Waarom dan de bijzondere verrichtingen?

Bij de bijzondere verrichtingen gaat het vooral om te laten zien dat jij de auto goed beheerst, goed oplet en de juiste plaats bepaalt waar jij de bijzondere verrichting uitvoert.

Jij moet de auto stapvoets of nog langzamer kunnen laten rijden en daarbij ook snel en goed kunnen sturen. Stuur niet als de auto stilstaat.
Regel je snelheid met de koppeling en probeer de uitvoering zo vloeiend mogelijk te laten verlopen.

Voordat je begint eerst goed kijken omdat jij je er van bewust moet zijn dat je al het overige verkeer voor moet laten gaan. Maar ook tijdens de bijzondere verrichtingen moet je heel goed blijven opletten. Bijvoorbeeld wanneer jij begint te sturen en dat daarbij de voorkant of achterkant van de auto uitzwaait. Kijk ook goed op het moment dat je weer wil wegrijden.

Er wordt ook van jou verwacht dat je zelf een geschikte plaats opzoekt voor de bijzondere verrichting.
Zoek de ruimte en een goed uitzicht. Bijvoorbeeld bij het inparkeren ga je naast een busje inparkeren wanneer jij daarna weer wil wegrijden heb je een slecht uitzicht door dat busje. Geen goede plaats dus. Met een bocht achteruit zorg dan dat je een goed overzicht hebt over de kruising. Ook moet het niet te lang duren om een plekje te vinden dus zie je een geschikte plaats pak die dan ook en zoek een makkelijke plaats i.p.v. een moeilijke om de verrichting uit te voeren.

Wat voor bijzondere verrichtingen kun je krijgen?

1 Je kunt een hellingproef krijgen welke meestal in de route zit wanneer jij bijvoorbeeld stilstaat voor een kruising en de auto wil wat naar beneden rollen bij het wegrijden. Jij moet zorgen dat dit niet gebeurt.

2 Je kunt een stop & Go opdracht krijgen.  Jij moet zelf een geschikte plek zoeken voor de stopopdracht. De stopopdracht mag zowel aan de linker als aan de rechter zijde van de weg worden uitgevoerd en je mag ook voor een uitrit stoppen.
Het is een Stop & Go opdracht dus zodra je stilstaat achter een auto kijk je direct of je weer kunt wegrijden.

3 Je kunt de omkeeropdracht krijgen. Jij moet zelf een geschikte plek zoeken voor de omkeer opdracht.
Kies voor jou de makkelijkste mogelijkheid.
Je kunt op diverse manieren keren maar op je praktijkexamen mag je alleen keren door een keus te maken uit één van de volgende vier mogelijkheden:

1 Door een halve draai.
2 Door een parkeervak in te rijden en dan weer terug.
3 Door middel van steken.
4 Door een bocht achteruit.

4 Je kunt een parkeeropdracht krijgen. Ook hier zelf weer een geschikte plek opzoeken waar veel ruimte is en probeer altijd aan beide kanten van de auto een vrij vak te houden.
Een parkeeropdracht kun je krijgen op een parkeerplaats of in een straat.

Op een parkeerplaats heb je zelf de keus hoe je gaat parkeren vooruit of achteruit. Houd er rekening mee dat je straks weer moet wegrijden bij het bepalen waar je parkeert.
Krijg je de parkeeropdracht in een straat dan moet je fileparkeren of als er vakken beschikbaar zijn net als op een parkeerplaats dan mag je ook in zo’n parkeervak parkeren.

Dus in het kort waar gaat het om bij de bijzondere verrichtingen:

1 Goede voertuig beheersing
2 Heel goed kijken
3 Plaats bepalen

Klik op één van onderstaande onderwerpen om hier een voorbeeld / uitleg voor te krijgen.


Hellingproef.

Recht achteruit rijden.

Stop & Go opdracht.

Halve draai.

Keren door middel van steken.

Vooruit een parkeervak inparkeren.

Achteruit een parkeervak inparkeren.

Bocht achteruit.

Fileparkeren.